Zondag
11 januari 2004, G.J. Westerveld, Antoniuskerk
Soms weet je niet hoe je een probleem kan oplossen: je ziet zo veel haken en
ogen en zoveel mitsen en maren brengen je geen stap dichter bij een antwoord:
tot een moment dat je de geest krijgt en je precies ziet wat je moet gaan doen…….
In de lezingen van vandaag gaat het ook over de geest krijgen De eerste lezing
vertelt ons van de dienaar die de geest krijgt . De woorden van Jesaja zijn
bedoeld voor zijn landgenoten die weinig van de toekomst kunnen verwachtten
Het zijn de joodse mannen en vrouwen die krijgsgevangen zijn gemaakt door de
koning van Babel . Ze wonen in een vreemd land, in ballingschap waar ze zijn
dwangarbeider zijn: ze moeten er voor een hongerloontje het vuile en zware werk
opknappen waar het volk van Babylon te goed voor wordt gehouden …… Ze hebben
gehoord dat in hun leeggeroofde en bezette vaderland steeds meer vreemdelingen
gaan wonen: daar hebben ze weinig meer te verwachten van de toekomst en hier
worden ze ook niet geduld….. Voor deze mensen ziet Jesaja hoop gloren: Zie hier
mijn dienst knecht, Ik heb mijn geest op hem gelegd …. Lieve mensen het kan
anders gaan in deze wereld: voor God is het is mogelijk dat hier op aarde mensen
recht wordt gedaan: als er zijn mensen zijn die blinden de ogen openen die gevangenen
bevrijden. Deze wereld vol kommer en ellende wordt anders als er mensen zijn
die beginnen te leven naar de woorden van de Schepper die met Mozes gesproken
heeft: Deze woorden noemen wij de thora of de tien woorden: de raad en richtingwijzers
naar een leven in vrede en geluk met elkaar. Mozes heeft in de woestijn Gods
naam gehoord die precies daarover gaat: Ik zal er voor jou zijn voor. God vraagt
of wij er ook voor anderen willen zijn: dat wij anderen recht doen….. Hij vraagt
ons dat wij voor elkaar doen wat Hij voor ons doet: dat wij elkaar laten leven….
Jesaja ziet zo’n mens opstaan: een dienstknecht: een mens naar Gods hart een
mens vol geestkracht: geen geweldenaar maar een steun voor de kleinen die bij
niemand in tel zijn…. een mens die de eretitel messias met recht draagt. In
het verhaal van Lucas horen we dat Jezus die gedoopt wordt: we denken door Johannes,
hoewel het vandaag nergens staat. Ons wordt verteld dat de mensen Johannes om
wat hij zegt en doet, voor de Messias houden. Hij noemt zichzelf de voorloper
die niet in de schaduw kan staan van de gene die komt…. Zijn doop is met water
die van de Messias een van vuur en heilige Geest Lucas vertelt dat heel het
volk laat zich dopen en Jezus ook…Jezus hoort bij het volk…. We horen dat de
doop voor Jezus een indrukweekend ean heilig moment is: de hemel breekt open
en de Geest daalt neer als een duif; het herinnert aan het oerverhaal van ons
begin toen God begonnen is met ons de hemel en aarde: Zijn geest joeg over de
aarde; gaf leven…. Het beeld van Lucas herinnert aan de duif die Noach in de
ark op het dode water van de zondvloed een groen olijftakje bracht: het teken
van nieuw leven op de oude aarde. Hier hoort iemand die ook nieuw leven brengt
door wie hij is: Jij bent mijn geliefde Zoon in wie ik vreugde vind…… God ziet
je zitten; je hoort thuis bij de Schepper; we zouden zeggen: Jezus krijgt te
horen: je bent lief als zijn Gods eigen vlees en bloed…. Lucas beschrijft daarna
de stamboom van Jezus van wie men zegt dat hij de zoon van Jozef is, die gaat
tot Adam, de zoon van God….. Jezus de zoon van mensen en de zoon van God… Dan
volgt het verhaal van Jezus die vol van de heilige Geest de woestijn ingaat:
Gedoopt zijn en die diepe ervaring van dat moment is op zichzelf blijkbaar niet
genoeg: Jezus moet de betekenis van die prachtige ervaring ontdekken: in een
worsteling met zichzelf… In het bijbelverhaal is dat de duivel: ook hij moet
klaarkomen met de tweespalt die steeds weer in het mensenleven dreigt; Voor
wie zijn mijn kracht met mijn kennis en mijn inzicht? Is het bedoeld om zelf
rijk en machtig te worden….? Als je Jezus’ volgt zie hem met lege handen en
een warm kloppend hart voor mensen : Hij spoort anderen aan net zo te leven
kind van God te zijn tot aan je dood…. Als Hem een ding is gelukt dan is het
dat mensen door wat Hij zegt en doet God hebben gezien: als Hij sterft zegt
een vreemdeling: hij was een Zoon van God die zegt: Ik zal er voor jou bij zijn…..
Zijn leerlingen zijn zijn vrienden geworden die doorvertellen wat ze bij Hem
horen en zien aan wie het maar wil horen… Voor Petrus die de beste van Jezus’
volgelingen wil zijn en van zichzelf het goede voorbeeld moet geven die zijn
vrienden af en toe zegt waar het op staat worstelt ook met de vraag hoe ver
hij mag gaan met het geloof in God die door mensen werkt…. Hij is dan niet star;
We horen vandaag dat hij buiten het boekje van zijn geloof durft te gaan. Hij
gaat mee als er mensen bij hem komen die hem vragen bij een Romeinse heidense
officier thuis te komen praten over het geloof in God dat hem zo bezighoudt
Petrus ziet dat God welgevallen heeft in iedere mens die gerechtigheid doet;
en ieder die gerechtigheid doet mag gedoopt worden;….. Tegen Romomana wil ik
het vandaag zeggen: je hoeft voor de doop niet in Nederland geboren te zijn;
als je maar weet wat God in je ziet dat je Hem lief bent en je wil met Jeroen
dat het ook vandaag tegen jullie kind wordt gezegd: je bent God lief als zijn
eigen kind …… Dopen heeft dus alles te maken met zegen…… Gezegend wordt jij
Romana, gezegend wordt jullie kind Rommi Voelen wij, die al langer geleden gedoopt
zijn, ons gezegend: zijn we blij met het leven en kunnen anderen het aan ons
zien ? Zijn we in Gods Naam een zegen voor elkaar? Spreekt uit ons leven de
liefde van de Schepper; en groeien door ons doen en laten op aarde barmhartigheid,
troost, recht en vrede? Als het zo is begint het in onze eigen straat waar we
het opnemen voor iemand die zwart wordt gemaakt als we er zijn voor een zieke;
als we doen wat op onze weg komt… Als wij zo leven dat een ander er beter van
wordt dan wordt er uit de hemel over je gesproken: Jij bent mijn kind; Ik hou
van jou……