Zondag 13 juli 2003, G.J. Westerveld, Antoniuskerk
In deze weken zijn heel veel mensen druk met hun vakantie; je ziet ze bezig met het inpakken en opladen van de auto’s maar ook als je op een andere manier op stap gaat moet je inpakken Wat neem je mee? Je moet op alles bedacht zijn; extra kleren omdat het ’s avonds erg kan afkoelen en je neemt je bergschoenen ook mee want misschien ga je wel wandelen En een regenpak moet ook mee want je weet dat het niet altijd droog is en de koffie die je daar koopt is niet zo lekker en veel duurder dan thuis: Als wij op reis gaan is dat een heel gedoe en elk weekend zie je op de weg en de stations een hele volksverhuizing….. En vandaag stuurt Jezus zijn leerlingen op reis Wie het evangelie van Marcus leest weet dat Jezus tot aan het hoofdstuk waaruit we vandaag lezen bezig is geweest om mensen om zich heen te verzamelen die zijn leerling willen worden. Zij zien hoe Jezus preekt in de synagoge, hoe door hem zieken worden genezen hoe hij zelfs de natuur laat gehoorzamen en dat Hij daarmee als de andere profeten voor hem in Israel weerstand oproept Er zijn heel wat mensen naar Jezus toegekomen die in Hem wel zagen zitten: die van Jezus wel wat wilden leren. Jezus heeft bij verschillende mensen ook het gevoel gehad dat ze voor zijn missie ook geschikt zouden kunnen zijn. We zouden zeggen dat Jezus ook in de kandidaten heeft geinvesteerd: We lezen in het evangelie van Johannes dat een geleerde bij Jezus komt. Hij offert zijn nachtrust aan het indringende gesprek met Nicodemus die toch niet de goede inslag blijkt te hebben die niet begrijpt wat Jezus van hem vraagt; dat wie hem volgt opnieuw geboren moet worden. Nicodemus kan geen afstand doen van zijn kennis en ervaring en opvattingen; voor Jezus’ beweging is hij ongeschikt omdat hij te veel wil meenemen Het zelfde krijgt de man te horen die tegen Jezus zegt dat hij eerst nog zijn vader moet begraven: Als plicht en gewoonte jou meer waard zijn dan Jezus de Messias die je vraagt nu mee te gaan ben je niet geschikt voor Zijn beweging die Gods rijk, die de hemel op aarde handen en voeten geeft En we kennen ook het verhaal van de jongen die bij Jezus komt en Hem vertelt dat Hij zijn leven lang al gedaan heeft wat God van de mensen vraagt in de tien geboden. Hij heeft altijd netjes geleefd en wil zich nu bij Jezus aansluiten. Er wordt ons verteld dat Jezus van deze jongen gaat houden. Jezus vraagt hem alles wat hij heeft te verkopen en de opbrengst aan de armen te geven. De jongen verstrakte in zijn gezicht en ging verdrietig weg want hij was heel rijk; hij kon geen afstand doen van zijn bezit. Wie geen afscheid kan nemen van zijn of haar lieve leven wie niet kan inleveren wat hij of zij in de loop van het leven heeft verzameld en opgebouwd is niet geschikt voor de beweging van Jezus: Zulke mens kunnen bij Jezus niet in opleiding komen.. Het grootste gedeelte van de leerlingen van Jezus zijn vissers uit de omgeving van het meer van Galilea; mensen die elke dag hard moeten werken om de kost voor zichzelf en hun familie te verdienen. Het zijn avonturiers die gefascineerd zijn door Jezus die iets in Hem horen en zien. waarvan mensen beter worden: ze zien hoe zieken worden door Hem genezen en boze geesten worden verjaagd. Waar Jezus verschijnt is geen ruimte voor de opvatting dat ik niks met een ander heb te maken Waar hij komt en waar naar Hem wordt geluisterd heerst onder de mensen een andere mentaliteit daar wordt de aarde bij wijze van spreken weer paradijs. Waar Jezus komt krijgen mensen oor en oog voor elkaar daar zal niemand eenzaam ziek zijn en dood gaan. Jezus die twaalf leerlingen heeft verzameld die Hem hebben leren kennen; zijn de mensen die zich zijn manier van leven hebben eigen gemaakt Zij zijn geschikt om andere mensen over te halen tot die manier van leven waarin Gods droom van deze wereld werkelijkheid wordt… Vandaag worden ze er op uit gestuurd om praktijk op te doen Het is een vooroefening van het leven in de toekomst als Jezus er niet meer is: de proclamatie van het koninkrijk van God; een wereld waarin vrede en gerechtigheid de toon aangeven. Zij zullen op den duur voortzetten waar Jezus mee begonnen is; zij zullen dan doen wat Hij deed: boze geesten uitdrijven en zieken genezen Ze gaan niet alleen zodat wie naar hen luisteren weten: deze mensen komen niet op eigen houtje ze zijn gestuurd en ze kunnen bevestigen wat de een en ander zegt : Het getuigenis van twee is waar . De leerlingen gaan met zijn tweeën omdat het ook goed is voor henzelf: je helpt elkaar; je kan elkaar corrigeren en aanmoedigen als het tegenvalt. Jezus weet uit eigen ervaring dat profeten niet worden aanvaard: dat ze tegen muren aanlopen en dan heb je elkaar om weer overeind te komen. In de God van Jezus en Israel geloven kan je niet in je eentje; zonder dat iemand anders het weet. Jezus instructie aan de mensen die hij er op uit stuurt is verder heel eenvoudig: laat thuis wat overbodig is: geen voedsel, geen reiszak geen geld; alleen een stok en een paar schoenen alleen een stok als een steun en een paar schoenen om de voeten te beschermen tegen de stenen van de weg: om onder weg te kunnen blijven. Wat de leerlingen van Jezus meebrengen en doorgeven is hun eigen verhaal met Jezus hun eigen omgang en hun eigen geloof in de Heer . Dat laten ze zien door wat ze zeggen en doen: Door hun toedoen worden zieken genezen en worden boze geesten verdreven leven maakt op de plaats waar zij komen de wereld menselijker…. Het gaat bij de gezanten van het koninkrijk van God, de mensen die leerlingen van Jezus zijn niet om wat ze hebben maar om wie ze zijn.. En wij : we klagen zo vaak dat mensen niet meer geloven. Zou dat ook niet aan ons liggen… Dragen wij niet te vaak allerlei ballast mee waarmee we vreselijk druk zijn waardoor het verhaal van Jezus bij ons niet uit de verf komt…. Zijn wij wel geloofwaardige getuigen van het evangelie? We dragen een kerkgeschiedenis mee met allerlei beschamende verhalen over mensen die de mond is gesnoerd of stilletjes werden weggewerkt. We zijn gehecht aan onze vormen waarvan we vaak ook zelf niet meer weten te vertellen dan dat het altijd zo is geweest …. Hebben wij ons wel genoeg laten vormen in de school van de Heer hebben we niet eerst, misschien opnieuw, Zijn vorming nodig om op aarde zijn ambassadeurs en gezanten te zijn?

[ TERUG NAAR DE PREKENDATABASE ]